M - m
macabre
macaber
macaroni
macaroni
macaw
raaf
(1)
mace
foelie
machete
hakmes
·
houwer
(2)
·
kapmes
machination
machinatie
machine
machine
·
toestel
machinegun
mitrailleur
machinery
machinerie
macho
macho
mackerel
makreel
·
tonijn
macram
macram
macrobiotical
macrobiotisch
mad
dolzinnig
·
gek
(1)
·
krankzinnig
·
tureluurs
·
uitzinnig
·
waanzinnig
Madam
mejuffrouw
·
Mej.
madam
madam
madame
madame
madcap
spring-in-'t-veld
madder
meekrap
madeira
madera
madman
dolleman
madness
dolheid
·
waanzin
Madonna
madonna
(2)
maggot
made
magic
magie
·
toverij
magical
magisch
magician
magiër
·
tovenaar
magistrate
magistraat
·
schepen
magnanimous
grootmoedig
magnate
magnaat
magnesium
magnesium
magnet
magneet
magnetic
magnetisch
magnetize
magnetiseren
(1)
magnificent
luisterrijk
magnificient
magnifiek
magnolia
magnolia
magpie
ekster
mahogany
mahoniehout
maid
maagd
(1)
·
meid
(2)
maidenhair
venushaar
mail
mail
mailbag
maal
(1)
mailman
brievenbesteller
main
inzonderheid
main current
stroomdraad
main one
hoofd
mainland
vasteland
mainly
grotendeels
·
voornamelijk
mainspring
drijfveer
(1)
maintain
handhaven
·
hooghouden
·
instandhouden
·
standhouden
·
volhouden
(1)
maintenance
behoud
·
onderhoud
(1)
maize
maïs
majestic
majestueus
majesty
majesteit
major
majeur
·
majoor
majorette
majorette
majority
goeddeels
·
gros
(2)
·
meerderheid
(2)
make
aanmaken
(1)
·
bereiden
·
fabrikaat
·
maken
(1)
·
merk
(3)
·
verrichten
·
vervaardigen
make thinner
dunnen
maker
maker
makeshift
lapmiddel
makeup
grime
·
make-up
·
schmink
·
schminken
make-up
blanketsel
malady
aandoening
(1)
malaria
malaria
·
moeraskoorts
male
mannetje
(1)
malevolent
kwaadwillig
malicious
boosaardig
·
kwaadaardig
(1)
malignant
kwaadaardig
(2)
malinger
simuleren
(1)
malingerer
simulant
malleable
smeedbaar
mallet
malie
(2)
malt
mout
mamma
mama
mammal
zoogdier
mammoth
mammoet
(2)
man
bemannen
·
heer
(1)
·
man
(3)
manage
bedisselen
·
beheren
·
beredderen
·
lappen
(2)
·
leiden
(3)
manageable
handelbaar
management
directie
manager
directeur
·
gerant
·
gezaghebber
·
manager
·
zetbaas
mandate
lastgeving
·
mandaat
manderin
mandarijn
(1)
mandolin
mandoline
mandrill
mandril
mane
manen
(2)
manful
manmoedig
manger
kribbe
(1)
mangle
mangelen
manhandle
mishandelen
mania
manie
maniacal
maniakaal
maniak
maniak
manicure
manicure
·
nagelgarnituur
manifest
manifest
(1)
·
manifest
(3)
manifold
veelsoortig
·
velerhande
manipulation
manipulatie
(2)
manly
manhaftig
·
mannelijk, manlijk
manna
manna
mannequin
mannequin
manner
manier
·
trant
·
wijs
(2)
·
wijze
(1)
mannered
gemaniëreerd
mannerism
maniërisme
mannerly
netjes
(2)
manners
fatsoen
(2)
·
mores
·
zeden
manoeuvre
laveren
·
manoeuvre, manoeuvreren
manoever
maneuvreren, manoeuvreren
manorial
heerlijk
(2)
manslaughter
doodslag
·
manslag
mantelpiece
schoorsteenmantel
mantilla
mantilla
mantle
falie
(1)
·
kousje
·
mantel
(1)
manual
handboek
·
handleiding
manufacture
aanmaak
·
fabriceren
(1)
·
vervaardigen
manufacturer
fabrikant
manuscript
manuscript
many
menig
·
veel
many-sided
veelzijdig
(2)
map
kaart
(1)
marabou
maraboe
maraud
stropen
(2)
marauder
stroper
(2)
marble
knikker
(1)
·
marmer
·
marmeren
·
stuiter
March
maart
march
defile
·
marcheren
·
mars
(3)
marchants
middenstand
(2)
mare
merrie
margarine
kunstboter
·
margarine
marge
schurft
margin
marge
marihuana
marihuana
marinate
marineren
marinated
gemarineerd
marine
marinier
maritime
maritiem
marjoram
marjolein
mark
markeren
·
merk
(1)
·
merken
(1)
·
veeg
(3)
marked
getekend
market
markt
marketable
courant
(1)
marksman
schutter
(1)
marl
mergel
marmalade
marmelade
marmot
marmot
Maroon
marron
marquis
markies
(1)
marquisate
markizaat
marriage
echt
(2)
·
huwelijk
marriageable
huwbaar
married
gehuwd
·
getrouwd
marrow
merg
marrowbone
mergpijp
marry
huwen
·
trouwen
Mars
Mars
Marseillaise
Marseillaise
marsh
moeras
marshal
maarschalk
marshland
drasland
marshy
drassig
marsupial
buideldier
marten
marter
martial
martiaal
martyr
martelaar
(2)
Marxism
marxisme
Mary
Maria
marzipan
marsepein
mascot
mascotte
masculine
mannelijk
·
m.
·
m.
mash
prakken
·
puree
mask
masker
·
maskeren
·
mom
·
mombakkes
masked
gemaskerd
masochist
masochist
masquerade
maskerade
mass
massa
·
massaal
·
mis
(1)
massacre
uitmoorden
massage
massage
·
masseren
masseur
masseur
massive
massaal
·
massief
mast
mast
master
baas
·
leraar
·
meester
·
patroon
(2)
masterful
bazig
masterkey
loper
(4)
masterly
meesterlijk
masterpiece
kunststuk
(1)
·
meesterstuk
mastery
heerschappij
mastiff
dog
mastodon
mastodont
maëstro
maëstro
masturbation
masturbatie
mat
mat
(1)
·
matten
(1)
·
matten
(2)
·
pool
(3)
matador
matador
match
lucifer
·
match
·
partij
(3)
·
partuur
·
wedstrijd
matchmaker
koppelaar(ster)
materiaal
materie
material
materiaal
·
materieel
(1)
·
stof
(1)
·
stof
(2)
·
stoffelijk
materialism
materialisme
materialist
materialist
mathematician
mathematicus
mathematics
mathematica
·
mathesis
·
wiskunde
matinee
matinee
mating
paring
matron
matrone
matter
substantie
(2)
mattress
matras
mature
rijp
(2)
·
rijpen
matured
belegen
matzo
matse
mausoleum
mausoleum
maxim
lijfspreuk
maximum
maximaal
·
maximum
·
max.
(2)
May
mei
may
kunnen
·
mogen
(1)
maybe
misschien
·
wel
(4)
·
wellicht
maybeetle
meikever
mayonnaise
mayonaise
mayor
burgemeester
maze
doolhof
(2)
·
labyrint
(2)
·
wirwar
(2)
me
me
·
mij
mead
mede
(2)
meadow
beemd
·
wei(de)
meager
schraal
(2)
meagre
karig
(2)
meal
grut
(1)
·
maal
(2)
·
maaltijd
·
meel
mealtime
schafttijd
mealy
bloemig
·
melig
(2)
mean
bedoelen
·
betekenen
·
gemeen
(2)
·
menen
·
min
(3)
·
schriel
(2)
meander
meanderen
·
strengelen
(1)
meaning
bedoeling
·
betekenis
(1)
·
zin
(1)
meaningful
zinrijk
meaningless
zinloos
means
middel
(3)
meanwhile
alvast
·
inmiddels
·
intussen
·
middelerwijl
·
ondertussen
·
onderwijl
measles
mazelen
measly
miezerig
(2)
measure
afmeten
·
maat
(1)
·
maatregel
·
mate
·
meten
·
opmeten
measured
afgemeten
measurement
anker
(2)
·
meting
meat, piece of
lap
(1)
meat-patty
vleespasteitje
meatroll
rollade
meaty
vlezig
mechanic
mecaniciën
·
monteur
mechanical
machinaal
·
mechanisch
·
werktuigkundige
mechanics
mechanica
·
werktuigkunde
mechanism
mechaniek
·
mechanisme
mechanize
mechaniseren
medal
medaille
meddle
bemoeien
(1)
meddlesomeness
bemoeizucht
media
media
mediate
bemiddelen
mediator
bemiddelaar
·
middelaar
medical
medisch
medicinal
medicinaal
medicine
artsenij
·
geneesmiddel
·
heelkunde
·
medicament/medicijn
·
middel
(2)
medieval
middeleeuws
mediocre
middelmatig
meditate
mediteren
meditation
gepeins
·
meditatie
meditative
peinzend
meditator
peinzer
medium
medium
(3)
·
middelbaar
·
middelmatig
medlar
mispel
medly
potpourri
meek
gedwee
·
zachtmoedig
meekness
deemoed
meerschaum
meerschuim
meet
ontmoeten
·
tegenkomen
meet again
weerzien
meet with
aantreffen
·
treffen
meeting
samenkomst
·
vergadering
·
zitting
(2)
megaphone
megafoon
melancholy
droefgeestig
·
melancholiek
·
weemoed
·
zwaarmoedig
·
zwartgallig
melodious
melodieus
·
welluidend
·
zoetvloeiend
melodrama
draak
(3)
·
melodrama
melody
melodie
·
wijs
(3)
melon
meloen
meltable
smelten
melted
gesmolten
member
lid
(1)
membrane
membraan
·
vlies
(1)
membranous
vliesachtig
·
vliezig
memo
memo
memoirs
memoires
memorable
gedenkwaardig
·
heuglijk
·
memorabel
memorandum
memorandum
·
memorie
(2)
memorial
gedenkteken
memorize
memoriseren
memory
aandenken
(1)
·
gedachtenis
·
geheugen
·
heugenis
·
memorie
(1)
·
nagedachtenis
menace
dreigement
menagery
menagerie
mend
boeten
·
herstellen
·
repareren
·
verstellen
(1)
mendable
verstelbaar
(2)
mending
verstelwerk
meningitis
meningitis
Mennonite
menist, mennoniet
menopause
menopauze
menstruation
menstruatie
mental
geestes
mentality
mentaliteit
menthol
menthol
mention
aanstippen
(2)
·
gewagen
·
melden
·
opnoemen
·
vermelden
mentor
leidsman
·
mentor
menu
menu
(2)
·
spijskaart
mercantile
mercantiel
mercenaries
huurleger
mercerary
huurling
(1)
merchandise
goederen
·
koopwaar
·
waar
(3)
merchant
handelaar
·
koopman
merciful
barmhartig
·
genadig
·
goedertieren
merciless
onbarmhartig
·
onmeedogend
mercury
kwik
·
kwikzilver
mere
louter
(2)
merely
slechts
meridian
meridiaan
merino
merinos
merit
verdienen
(2)
mermaid
meermin
merry
vrolijk
merry-go-round
mallemolen
merrymaker
pretmaker
mesh
maas
mess
boel
(2)
·
janboel
·
knoeiboel
·
morsen
·
pan
(2)
·
puinhoop
·
rotzooi
·
smeerboel
·
warboel
·
warwinkel
·
zooi
(2)
·
zootje
mess about
klodderen
(2)
mess around
klussen
message
bericht
·
boodschap
(1)
messenger
bode
Messiah
Messias
messy
jan-boerenfluitjes
mestizo
mesties
metal
metaal
·
metalen
metamorphosis
metamorfose
metaphor
metafoor
metaphysics
metafysica
metathesis
metathesis
meteor
meteoor
meteorology
meteorologie
·
weerkunde
method
leergang
(2)
·
methode
methodic
methodisch
(2)
methodology
methodiek
Methuselah
Methusalem
meticulous
angstvallig
(2)
metre
m
·
meter
(1)
metric
metriek
(1)
·
metriek
(2)
metro
metro
metropolis
metropolis, metropool
·
wereldstad
mew
mauwen
miauw
miauwen
mica
mica
micro
micro
microbe
microbe
microphone
microfoon
microscope
microscoop
microscopic
microscopisch
middle
medio
·
middel
(1)
·
middelst
·
midden
midge
onweersbeestje
midnight
middernacht
midriff
middenrif
midships
midscheeps
midwife
vroedvrouw
midwifery
verloskunde
midwinter
midwinter
mignonette
reseda
migrain
migraine
migration
trek
(4)
mikado
mikado
mild
clement
·
licht
(2)
·
zoel
mildew
meeldauw
·
schimmel
(2)
mile
mijl
milestone
mijlpaal
militant
militant
military
militair
military man
militair
militia
militie
milk
melk
·
melken
milkman
melkboer
milksop
melkmuil
·
wekeling
milktooth
melktand
mill
maalderij
·
molen
millar
molenaar
millet
gierst
millibar
millibar
milligram
mg
·
miligram
·
milligram
millimetre
millimeter
·
mm
milliner
modiste
million
miljoen
millionaire
miljonair
mimeograph
stencillen
·
stencilmachine
mimic
napen
minaret
minaret
mincer
vleesmolen
mind
passen
(3)
mine
mijn
(1)
mineral
delfstof
·
mineraal
mineralogy
mineralogie
minesweeper
mijnenveger
mineworker
mijnwerker
mingle
mengelen
miniature
miniatuur
minimum
minimaal
·
minimum
minister
bedienaar
(1)
·
minister
minister-president
minister-president
ministry
ministerie
minnow
katvis
minor
minderjarige
·
mineur
(2)
minority
minderheid
minstrel
minstreel
mint
munt
(2)
·
munt
(3)
·
munten
(1)
minuet
menuet
minus
min
(4)
·
minus
minuscule
minuscuul
minute
minuut
·
min.
minutes
notulen
miracle
mirakel
miraculous
miraculeus
·
wonderbaar
mire
prut
·
slijk
mirror
spiegel
misalliance
mesalliance
misanthrope
misantroop
misbehave
misdragen, zich
miscalculate
verrekenen
(2)
miscarriage
miskraam
miscarry
mislukken
miscellany
varia
mischief
kattekwaad
misconception
misvatting
misconduct
wangedrag
misdeed
wandaad
miser
gierigaard
·
knijper
(3)
·
schraalhans
·
vrek
miserable
armzalig
·
beroerd
·
deerniswekkend
·
ellendig
·
lamlendig
·
miserabel
miserly
vrekkig
misery
ellende
·
jammer
(1)
·
misère
·
narigheid
misfire
ketsen
(1)
·
misbaksel
(1)
misformed
wanschapen
·
wanstaltig
misfortune
sof
misgovernment
wanbeheer
·
wanbestuur
mishandle
toetakelen
(2)
mishap
malheur
·
tegenvaller
(2)
misjudge
miskennen
mislaid
zoek
mislay
wegmaken
(1)
mislead
misleiden
misplaced
misplaatst
(1)
misprint
drukfout
·
zetfout
Miss
mejuffrouw
·
Mej.
miss
juffer
·
juffrouw
·
mademoiselle
·
miss
·
missen
(2)
·
misslaan
·
poedel
(2)
·
poedelen
missal
misboek
missed
mis
(3)
missing
zoek
mission
missie
·
uitzending
(2)
·
zending
(2)
missionary
missionaris
·
zendeling
missive
missive
mist
nevel
mistake
abuis
·
dwaling
·
feil
·
fout
·
misgreep
·
misslag
·
misstap
(2)
·
vergissing
mister
monsieur
mistletoe
maretak
·
misteltak
·
mistletoe
·
vogellijm
mistral
mistral
mistress
bazin
·
maintenee
·
minnares
misty
nevelachtig
misunderstanding
misslag
·
misverstand
misuse
maltraiteren
·
misbruiken
mite
hummel(tje)
·
mijt
(2)
mitigate
matigen
(2)
mitre
mijter
mitten
want
(1)
mix
hutselen
·
mengen
·
mix
·
mixen
·
mêleren
·
samenstellen
(1)
·
vermengen
mixed
gemengd
mixed metaphor
stijlbloempje
mixer
mixer
mixture
melange
·
mengeling
·
mengelmoes
·
mengsel
Mmm!
mmm/mmmm
moan
kermen
·
steunen
(1)
·
uitkermen
moat
gracht
·
singel
(3)
mob
gepeupel
mob gathering
samenscholen
(1)
·
samenscholen
(2)
mobile
beweeglijk
·
mobiel
mobilization
mobilisatie
mobilize
mobiliseren
mocassin
mocassin
mock
quasi
·
spotten
·
tarten
(1)
mocker
spotter
mockery
paskwil
·
spot
(1)
·
spotternij
mocking
spotziek
mockingbird
spotvogel
model
boetseren
·
maquette
·
model
·
modelleren
(2)
·
toonbeeld
·
voorbeeld
moderate
bezadigd
(2)
·
billijk
·
civiel
(2)
·
gematigd
·
matig
·
matigen
(1)
·
middelmatig
moderation
moderatie
moderato
moderato
modern
modern
·
snel
(2)
modernist
nieuwlichter
modernize
moderniseren
modest
discreet/diskreet
(1)
·
ingetogen
·
zedig
modesty
discretie/diskretie
(1)
modify
wijzigen
Mohammed
Mahomed
·
Mohammed
Mohammedaan
mohammedaan
moist
klam
·
vochtig
molar
kies
(1)
molasses
melasse
mole
mol
molecule
molecuul
molehill
molshoop
moleskin
mollevel
molest
molesteren
mollusk
weekdier
molten
gesmolten
Mom
moes
(2)
mom
ma
moment
moment
(1)
·
ogenblik
momentary
momenteel
(1)
momentum
moment
(3)
mommie
moesje
monarch
monarch
·
vorst
(2)
monarchist
monarchist
monarchy
monarchie
Monday
maandag
monetary
monetair
money
poen
(2)
moneychanger
wisselaar
monk
kloosterling
·
monnik
monkey
aap
mono-
mono-
monocle
monocle
monogamous
monogaam
monogamy
monogamie
monogram
monogram
monograph
monografie
monologue
monoloog
monomaniac
monomaan
monopoly
monopolie
monotonous
eentonig
monotoon
monotoon
monseigneur
monseigneur
monsoon
moesson
monster
gedrocht
·
gevaarte
·
monster
(2)
·
mormel
·
ondier
·
wangedrocht
monstrous
gedrochtelijk
month
maand
monthly
maandelijks
monument
monument
mood
gemoed
·
luim
(1)
·
stemming
(2)
moon
maan
moonbeam
manestraal
moonlight
maanlicht
·
maneschijn
moor
meren
mop
dweil
·
wisser
·
zwabber
·
zwabberen
(1)
mope
druilen
(1)
moper
druiloor
·
kniesoor
moping
druilerig
(1)
moraine
morene
moral
moreel
(1)
·
zedelijk
morale
moraal
(2)
·
moreel
(2)
moralist
moralist
moralize
moraliseren
morals
moraal
(1)
·
zeden
moratorium
moratorium
(1)
·
moratorium
(2)
·
sursance
Moravian
Hernhutter
·
Moraviër
morbid
morbide
(2)
more
meer
(2)
·
meerder
moreover
voorts
morgue
morgue
Mormon
mormoon
morning
morgen
(2)
·
ochtend
·
voormiddag
Morocco
Marokko
morpheme
morfeem
morphia
morfine
morphology
morfologie
(2)
morsel
hap
mortal
dodelijk
·
sterfelijk
·
sterveling
mortality
sterfte
mortar
mortier
(2)
·
specie
(2)
·
vijzel
(2)
mortgage
hypotheek
mosaik
mozaïek
moscovite
Moskoviet
Moscow
Moskou
Moslem
mahomedaan
·
moslem
·
muzelman
mosque
moskee
mosquito
mug
·
muskiet
(1)
mosquitobite
muggebeet
moss
mos
(1)
mossy
mosachtig
·
mossig
most
aller
·
meest
mote
stofje
moth
mot
(2)
mothballs
mottenballen
motheaten
mottig
(2)
mother
moe
(1)
·
moeder
·
moer
(1)
mother-in-law
schoonmoeder
motherless
moederloos
motion
beweging
·
motie
(1)
·
voorstel
motionless
onbeweeglijk
·
roerloos
(1)
motivated
gemotiveerd
motive
aanleiding
·
drijfveer
(2)
·
motief
·
roersel
motor
motor
motorbike
bromfiets
motorboat
motorboot
motorcycle
motorfiets
motorway
autobaan
motto
lijfspreuk
·
motto
·
zinspreuk
(2)
mould
matrijs
·
molm
·
schimmel
(2)
mouldy
schimmelig
moult
ruien
moulting
rui
mound
terp
mount
klimmen
·
monteren
mountain
berg
mountainous
bergachtig
mountainpeak
bergspits
mourn
rouwen
·
treuren
mourner
rouwklager
mournful
treurig
mourning
rouw
mouse
muis
moustache
knevel
(1)
·
snor
mouth
bek
·
mond
·
snater
·
toet
mouthpiece
mondstuk
movable
beweegbaar
move
bewegen
·
doorlopen
·
trekken
(2)
·
verhuizen
·
verkassen
·
verplaatsen
·
zet
(2)
moved
aangedaan
·
bewogen
movement
beweging
moving
aandoenlijk
·
aangrijpend
·
treffend
(2)
mow
maaien
mower
maaier
moxim
zinspreuk
(1)
Mr.
meneer
·
mijnheer
Mrs.
mevrouw
·
Mevr./Mw.
much
hoeveel
·
smak
(2)
·
sterk
(2)
·
veel
muck
derrie
mucus
snot
mud
bagger
·
flodder
(1)
·
modder
·
slijk
muddle
janboel
·
warboel
·
warwinkel
muddled
verward
(2)
muddy
drabbig
·
slijkerig
·
troebel
(1)
mud-flat
wad
muff
mof
(1)
muffle
omfloerst
muffler
knaldemper
·
knalpot
mug
bakkes
·
kroes
(1)
·
mok
·
pomen
·
ponem
·
porum
(2)
·
snoet
·
snuit
mulatto
mulat
mulberry
moerbei
mule
muildier
multimillionaire
multimiljonair
multiple
veelvoud
multiplex
multiplex
multiplicity
menigvuldig
multiply
multipliceren
multitude
schaar, schare
·
schare
·
veelheid
mumble
mummelen
mummify
mummificeren
mummy
moesje
·
mummie
mumps
bof
(2)
mundane
mondain
municipal
stedelijk
munition
munitie
murder
moord
·
vermoorden
murderer
moordenaar
murderous
moorddadig
(2)
murmur
murmelen
·
murmureren
·
ruisen
muscatel
muskaatwijn
muscular
gespierd
muse
mijmeren
·
muze
(2)
·
peinzen
·
zinnen
(1)
museum
museum
mushroom
champignon
·
paddestoel
(1)
music
muziek
·
toonkunst
musical
muzikaal
(2)
musician
musicus
·
muzikant
·
toonkunstenaar
musk
muskus
musket
musket
musketeer
musketier
muslin
mousseline
·
neteldoek
mussel
mossel
must
hoeven
·
moeten
mustard
mosterd
musty
duf
(1)
·
muf
·
vuns, vunzig
(3)
mutation
mutatie
mute
sourdine
·
stom
(1)
mutilate
verminken
(2)
mutineer
muiteling
mutiny
muiten
mutter
brommen
(3)
·
mompelen
·
prevelen
mutterer
mompelaar
mutual
onderling
·
wederkerig
·
wederzijds
muzzle
muil
(1)
·
muilkorf
·
snuit
·
tromp
myoma
vleesboom
myriad
myriade
myrrh
mirre
myrtle
mirt(e)
myself
mijzelf
mysterious
geheimzinnig
·
mysterieus
·
raadselachtig
mystery
mysterie
·
raadsel
(1)
mystical
mystiek
(2)
mystify
mystificeren
myth
myth(e)
mythology
godenleer
·
mythologie
Copyright © 2002