N - n

nag judassen
· sarren
· treiteren
· zaniken
nagger treiteraar
naiad najade
nail klinken (3)
· nagel
· spijker
naive naïef
naked naakt
· natura, in (2)
· ontbloot
· piemelnaakt
name heten (2)
· naam
· opnoemen
named genaamd
nameless naamloos
· nameloos (2)
namely namelijk
· nl.
· tw.
namesake naamgenoot
nap dutje
· nop
napalm napalm
narcosis narcose
narcotic narcotisch
narrow bekrompen (2)
· beperkt (2)
· eng (1)
· krap (1)
· nauw (1)
· smal
· smalheid
· verengen
narrowminded bekrompen (1)
· geborneerd (1)
· kleingeestig
· kleinsteeds
narrowninded enghartig
nasal nasaal
nasty goor
· hatelijk
· naar (2)
· naarheid
nation natie
· volk
national nationaal
nationality nationaliteit (3)
nationalize naasten
· nationaliseren
native inboorling
· inheems
· inlander
· inlands (1)
NATO NATO/N.A.T.O.
natural natuurlijk (1)
naturalism naturalisme
naturalization naturalisatie (2)
naturalize inburgeren
· naturaliseren
naturally natuurlijk (2)
· uiteraard
nature aard (2)
· natuur (3)
naught nul
naughty ondeugend
· stout
nauseating misselijk
nautical nautisch/nautiek
nave beuk (2)
navel navel
navigate varen (1)
navigation navigatie
· scheepvaart
· vaart (1)
navigator navigator
na‹vity naïviteit
navy marine
Nazi nazi
near bij (2)
· heinde
· nabij
nearby nevens
nearer nader (1)
nearsightedness myopie
neatly netjes (1)
neatness netheid (1)
necessary benodigd
· nodig
· noodwendig
· noodzakelijk
necessity broodnodig
· nood (1)
· noodzaak
neck hals (1)
· nek
necklace collier
necktie das (1)
necrology necrologie (2)
necromancer geestenbezweerder
nectar nectar
· nektar
need behoefte
· behoeven
· nood (3)
needful node (2)
needle naald
needless nodeloos
needy armlastig
· behoeftig
· kommerlijk
· nooddruftig
negative negatief (3)
neglect veronachtzamen
· verwaarlozen
· verzaken
· verzuim
neglig‚ neglig‚
· peignoir
negligence nalatigheid
negligent achteloos
· nalatig
negotiate verhandelen (1)
negotiator onderhandelaar
Negress negerin
Negro neger
negroid negroïde
neigh hinniken
neighbor buur
· naaste
· nabuur
neighborhood omtrek (2)
neighboring naburig
neighbourhood buurt
· omstreken
neighbours omwonenden
neither...nor noch
neo- neo-
neologism neologisme
neon neon
nephew neef
· neefje (1)
nepotism nepotisme
Nero Nero
nerves zenuw
nervous nerveus
· zenuwachtig (2)
nervousness nervositeit
nest broeinest (1)
· nest (1)
net net (1)
· netto
· vangnet (2)
netmender nettenboeter
netting gaas
nettle netel
nettled kriebelig (2)
neuralgia neuralgie
neuritis neuritis
neurologist neuroloog
neurosis neurose
neutral neutraal
· onzijdig
neutralize neutraliseren
never nimmer
· nooit (2)
nevertheless niettegenstaande
· niettemin
· nochtans
new nieuw
· nuchter (2)
· vers (2)
newborn pasgeboren(e)
newcomer baar (2)
new-fangled nieuwbakken
newly pas (4)
news bericht
· mare
· nieuws
· tijdingen
newsboy krantenjongen
newspaper blad (3)
· krant
· nieuwsblad
· orgaan (2)
newsreel cineac
next aanstaande
· a.s.
· vervolgens
next to naast
next-to-last voorlaatst
nibble knabbeler
nice aardig
· goedgezind
· leuk
· prettig
nicety finesse
niche nis
nick inkepen
· kartelen
· keep
· kepen
· kerf
· snede, snee (1)
nickel nikkel
· nikkelen
nickname bijnaam
· koosnaam
· scheldnaam
· schuilnaam
nicknamed bijgenaamd
nicotine nicotine
niece nicht (2)
nigger nikker (2)
night avond
· nacht
nightclub nachtclub
nightfall vallen (3)
nightgown pon
nightingale nachtegaal
nightly nachtelijk
nightmare nachtmerrie (2)
nightshade nachtschade
nil nihil
Nile Nijl
nimble rap
nine negen
ninny minkukel
ninth negende
nipple nippel
· speen (2)
· tepel
nit neet
nitrate nitraat
nitrite salpeter
nitrogen stikstof
nitroglycerine nitroglycerine
no neen
nobility adel (2)
· adeldom
noble adellijk
· edel
· nobel
nobody niemand
nocturne nocturne
nod knik (1)
· knikkebollen
· knikken
noise bombarie
· gedruis
· geraas
· gerucht (2)
· keet (2)
· lawaai
· rumoer
noiseless geruisloos
noisemaker rumoermaker
noisy gehorig
· luidruchtig
nomad nomade
nomadic nomadisch
no-man's-land niemandsland
nominal nominaal (1)
nominate voordragen (2)
nomination kandidaatstelling
· nominatie
· voordracht (2)
nominative denominatief
non-active nonactief
nonchalance nonchalance (2)
non-combatent non-combattanten
non-conformist non-conformist
none geen
· niemand
non-intervention non-interventie
non-payment wanbetaling
non-resident uitwonend
nonsense flauwekul
· kolder (2)
· kul
· larie
· mallepraat
· malligheid
· nonsens
· onzin
nonsensical kolderiek
non-skid slipvrij
non-stop non-stop
non-striker werkwillige
non-verbal non-verbaal
noon middag
· noen
norm norm
normal gewoon (3)
· normaal
normalize normaliseren
normally normaliter
Normandy Normandië
north noord
· noorden
· N.N./n.n.
· streek (3)
north-east NO, N.O., no, n.o.
northward noordwaarts
northwest NW/N.W./nw/n.w.
Norway Noorwegen
Norwegian Noor(s)
· Noors, Noorweegs
nose neus
· neuzen
nosegay ruiker
noseheavy koplastig
nostalgia heimwee
· nostalgie
not geen
· niet (1)
not at all geenszins
notabene nota bene
· N.B.
notable notabele (1)
· notabele (2)
notary notaris
notch inkepen
· kartelen
· keep
· kepen
· kerf
· kerven
· schaar, schaard(e)e (1)
· sponning
notched k…rtel
note noot (3)
· nota
nothing niemendal
· niet (2)
· niets
· niks
notice bemerken
· bespeuren
· gewaarworden
· kennisgeving
· notitie (2)
noticeable bemerkbaar
· merkbaar
notify aanschrijven (2)
· verwittigen
notion begrip
· benul
· besef
· denkbeeld
· notie
· voorstelling (4)
notorious berucht
· notoir
nougat noga
nought niet (2)
noun naamwoord
· substantief
nourishing voedzaam
nourishment voedsel
novel roman
novelist romancier
novelty nouveaut‚
· noviteit
· novum
November november
· slachtmaand
novice beginner
· novice
now alsnu
· nu
nowhere nergens
noxious verderfelijk
nozzle tuit (2)
nuance nuance
nuclear nucleair
nucleus kern (2)
nudge aanstoten
nudist nudist
nuisance lastpost
numb gevoelloos
· verkleumd
number getal
· no.
· nr.
· numero
· nummer
· nummeren
· rangnummer
· tal
· tellen
numberless talloos
numeral telwoord
numerical numeriek
numerous talrijk
numismatics numismatiek
nun kloosterling
· non
· zuster (3)
nunnery zusterhuis
nurse verpleegster
· verplegen
· voedster (1)
· zogen
· zuster (2)
nursemaid baboe
nursery kwekerij
nurses residence zusterhuis
nursing verpleging
nut moer (2)
· noot (1)
nutmeg muskaat
· nootmuskaat
nutritious voedzaam
nutshell notedop
nyacking vliegtuigkaping
nylon nylon
nymph nimf
nymphomanic nimfomanie
Copyright © 2002